Castratie

Castratie betekent letterlijk het verwijderen van de gonaden (testikels of eierstokken). Hoewel we dit zowel bij de reu als de teef doen, noemen we het bij de teef sterilisatie en alleen bij de reu castratie.

De voornaamste redenen om een reu te castreren zijn ongewenst gedrag, regelmatig terugkerende voorhuidontsteking en/of als hij cryptorch (testikels niet allebei ingedaald) is.

Als we twijfelen of castratie de oplossing is voor bijvoorbeeld ongewenst gedrag, dan kunnen we een reu ook chemisch castreren. We plaatsen dan een implantaat onderhuids dat langzaam een hormoon vrijstelt waardoor de reu geen eigen testosteron meer aanmaakt. Hij is dan dus onvruchtbaar en ook het gedrag wordt beïnvloed zoals dat bij een normale castratie zou gebeuren. Het implantaat werkt minimaal 6 maanden, waarna de effecten zullen verdwijnen en eventueel besloten kan worden tot operatieve castratie.

Loopsheid

Teefjes worden voor de eerste keer loops op een leeftijd van ongeveer 9 maanden (6-18 maanden). De loopsheid is de vruchtbare periode van de teef: ze wordt aantrekkelijk en ontvankelijk voor reuen. Tijdens de loopsheid verliezen ze bloed uit de vulva en de vulva is ook gezwollen. Soms vertonen ze ander gedrag: ze lopen soms makkelijker weg, hebben minder eetlust en kunnen sloom zijn.

De loopsheid duurt gemiddeld 2 tot 3 weken. De eerste loopsheid is soms minder heftig en kan daardoor gemist worden of korter lijken. Soms is de eerste loopsheid echt korter, maar wordt de teef na een paar weken weer loops; we spreken dan van een split oestrus (gespleten loopsheid).

Schijnzwangerschap

Na de loopsheid duurt het ongeveer 2 maanden voor het lichaam om weer ‘tot rust’ te komen. In die periode kan een teef schijnzwanger worden: het lichaam denkt dan dat er een zwangerschap is, terwijl dat niet zo is. Dit is een evolutionair verschijnsel met als doel alle vrouwelijke dieren in de roedel melk te laten geven, om zo voldoende ‘moeders’ voor de pups van het alfa-vrouwtje te hebben. Schijnzwangerschap kan niet veel kwaad, maar kan wel heel vervelend zijn, bijvoorbeeld als de hond er ziek van is of continu overal nestjes wil maken. Ook kan het risico op baarmoederontsteking toenemen bij herhaaldelijke schijndracht. Tijdens een schijnzwangerschap gaan we een teef liever niet steriliseren. Om deze redenen kiezen we er soms voor om de schijnzwangerschap met medicatie te onderbreken.

Baarmoederontsteking

Na elke loopsheid kunnen er kleine afwijkingen in de baarmoederwand aanwezig blijven. Deze kunnen uiteindelijk een flinke ontsteking in de baarmoeder veroorzaken: we spreken dan van een pyometra. Een pyometra of baarmoederontsteking kan levensbedreigend zijn: door de ontstekingsstoffen die in het bloed komen, kan er nierfalen ontstaan. Ook kan een baarmoeder scheuren, waardoor de pus in de buik komt en kan een hond buikvliesontsteking krijgen. Een baarmoederontsteking is dus een spoedgeval.

Als een teef 1-3 maanden na de loopsheid plots ziek wordt, slecht eet, sloom is en/of veel drinkt en veel plast, dan willen we altijd controleren of er geen sprake is van een pyometra. Soms komt er pus uit de vulva, dan is het een duidelijke diagnose. Maar soms komt er geen pus uit (de baarmoederhals is dan gesloten) of de hond houdt zichzelf goed schoon; dan maken we een echo van de baarmoeder om te weten wat er aan de hand is.

De behandeling van een pyometra is in de meeste gevallen een operatie: we verwijderen dan de ontstoken baarmoeder en de eierstokken. In uitzonderlijke gevallen kan gekozen worden om eerst te behandelen met medicijnen, maar dit is niet zonder risico.

Sterilisatie

Om te voorkomen dat een teef loops wordt, kunnen we haar steriliseren. Bij de sterilisatie worden de eierstokken verwijderd (strikt genomen is het eigenlijk een castratie). Als de baarmoeder afwijkend is, wordt deze soms ook verwijderd.

Voordelen

Bij sterilisatie op jonge leeftijd (op 6 maanden leeftijd, of voor de tweede loopsheid) is er een duidelijke afname van de kans op melkkliertumoren.

Er is geen kans meer op baarmoederontsteking (pyometra). Dit is een ernstige aandoening die helaas veel voorkomt bij niet-gesteriliseerde teven.

Nadelen

Door veranderingen in de stofwisseling kan een teef na sterilisatie makkelijk aankomen. Om te voorkomen dat ze te zwaar wordt, kunt u het beste gelijk 10% minder gaan voeren.

Een enkele keer kan een teef incontinent worden na sterilisatie en druppeltjes urine gaan verliezen. Dit kan vaak verholpen worden met medicijnen.

Laparoscopische sterilisatie

Bij een gewone sterilisatie maken we een snee in het midden van de buik om de eierstokken (en baarmoeder) te kunnen verwijderen. Bij een laparoscopische sterilisatie worden 3 veel kleinere sneetjes gemaakt, waarlangs een camera en instrumenten in de buik gebracht worden en de eierstokken worden verwijderd.

De 3 kleine sneetjes genezen sneller dan de reguliere wond na een sterilisatie en gemiddeld genomen hebben honden hier minder last van na de operatie.

Een nadeel van laparoscopisch steriliseren is dat we de baarmoeder niet kunnen verwijderen zou deze afwijkend zijn.

Voor een laparoscopische sterilisatie is speciaal instrumentarium en ervaring nodig, dus dit kan niet door iedereen gedaan worden. Bij ons in de praktijk kan een zelfstandige dierenarts komen om uw hond laparoscopisch te steriliseren. Voor meer informatie hierover kunt u contact opnemen met de praktijk.

Prikpil

Bij gebruik van de prikpil krijgt uw hond elke vijf maanden een injectie om de loopsheid te voorkomen.

Na het stoppen met de prikpil komt de loopsheid weer terug. Het varieert hoe snel de loopsheid weer terugkomt. De prikpil is dus geschikt om tijdelijk de loopsheid te onderbreken als u later nog met de teef wilt fokken.

De prikpil vergroot het risico op baarmoederontsteking, melkkliertumoren en suikerziekte. Vanwege deze ernstige bijwerkingen raden wij gebruik van de prikpil in de meeste gevallen af.